Deze blog is geschreven door:

Meten is goed, interesse is beter

In een FD-bijlage valt mijn oog op een artikel over EDO. Eén microseconde willen mijn hersenen geloven dat Edo een rustige, iets te dikke zzp’er is die zijn geld verdient met iets als contentoptimalisatie ofzo. Tevergeefs. Het gaat hier over de Ergst Denkbare Overstroming. Met het geruststellende acroniem EDO probeert de overheid het schrikbeeld van een volledig overstroomde Randstad af te zwakken. Alles onder controle, mensen. ’t Is maar een EDO’tje.


De zondvloed aan matige content die organisaties de wereld in sturen, dreigt op dezelfde manier met afkortingen aan ons oog onttrokken te worden. No worries. Als je je SEM, SEO en SEA maar lekker op orde hebt, en je PPC, CTR en CEC monitort, komt het allemaal wel goed.

Niet waar. Iedereen mag van mij monitoren tot hij een ons weegt (sterker nog: doe dat vooral, de nietsontziende constatering dat je blog nul keer gelezen is, levert waardevolle informatie over waardeloze content). Maar laten we niet vergeten dat contact met je doelgroep nooit begint met meten en altijd met interesse. Iedereen ergert zich dood aan de account manager die ons op een borrel tot in detail uitlegt waarom zijn laatste deal zo succesvol was. Maar zodra we gaan praten vanuit onze organisatie, doen we verrassend genoeg exact hetzelfde.

Terwijl het zo eenvoudig is. Zeg iets waar de ander iets aan heeft. Op een manier die iets bij hem losmaakt. Of, zoals Doug Kessler het noemt: praat over het snijvlak van ‘Stuff prospects care about most’ en ‘Stuff you know the most about’. De ING moet niet plotseling pleiten voor een plasticvrije zee. Maar de Vogelbescherming overtuigt me wel met Beleef de lente. Het is dus allemaal niet zo moeilijk. Of misschien ook wel. Anders sloegen we niet zo vaak de plank mis.

Ik wil best iets weten over die zondvloed. En de overheid weet daar vast veel van. Misschien ga ik ze eens bellen. Ze moeten iets met Edo.